Slashparent Veerle hield aan haar vriendinnenweekend in Lille een vakantielief over, en vele jaren later 2 kinderen. Sindsdien kent ze de struggles van het tweetalig opvoeden. Hoe pak je dat aan? En bestaat er een juiste methode? Veerle schreef haar ervaringen speciaal voor Maison Slash neer. 

VEERLE

Al tijdens mijn eerste ontmoeting met Jérôme was het duidelijk dat we wel de liefde maar niet dezelfde moedertaal deelden. Aanvankelijk behielpen we ons met Engels, kwestie van allebei moeite te doen. Maar al snel schakelden we over op Frans. Het is zo onhandig over gevoelens te praten of ruzie te maken in een vreemde taal. Op zijn minst kon een van ons zich nu perfect uitdrukken. Voor mijn Frans was dit natuurlijk een enorme boost. We zagen het als een uitdaging, iets uniek voor ons tweetjes.

Zwanger!

Tot de paniek zich een beetje meester van me maakte tijdens mijn eerste zwangerschap. Hoe zouden we dat aanpakken die meertaligheid?

Toen ik wat rondsurfte op het onderwerp, ontdekte helaas bedroevend weinig relevante artikels. In mijn omgeving ging gevraagd en ongevraagd advies rond. Ik hoorde verhalen van iemand die de meertaligheid had uitgeprobeerd met kinderen. Maar ze kreeg als resultaat een kind dat uiteindelijk geen van beide talen machtig was.  Jerome en ik hadden uiteindelijk niet echt een plan, maar wel het voornemen om het consequent aan te pakken.

Jerome – Frans, ik – Nederlands: dat was de bedoeling, overal en altijd. We hielden deze mantra aan, ook met anderen erbij. Dus keken mensen wel eens raar op als ik in Frans gezelschap Nederlands tegen mijn baby sprak, of omgekeerd bij Jerome. Toen Arthur zijn eerste woordjes begon te brabbelen, deed hij dat in het Nederlands tegen mij. En in het Frans tegen Jerome.

Baby nummer 2!

Na de komst van Juliette moesten we weer een ander evenwicht vinden. Een gezinsgesprek werd nu automatisch een oefening met twee talen.

Er was een fase waarin de kinderen het een beetje gênant vonden om een andere taal te moeten spreken dan de meerderheid van het gezelschap. Maar gelukkig hielp een aantal mensen hen daar mee over. Een Franse vriend die enkele woordjes Nederlands uitprobeerde, of mijn Nederlandstalige oma die haar beste Frans oppoetste voor de kinderen.

Consequent zijn rendeert

Intussen is Arthur 6, Juliette bijna 5. Ze weten nu dat de taal die ze met mij spreken, anders is dan de taal van papa. Het verschil is voor hen altijd intuïtief geweest, en intussen kunnen ze het ook benoemen. Ze fluisteren soms een Frans woordje in het oor van de juf als die het vergeten is. Ze verbeteren me beiden als ik verkeerd een «le» of «la» ergens voor zet. Onderling spreken ze Nederlands als hun Franse grootouders het geheim niet mogen horen.

Volgens ons uitgeteste recept, is dit het resultaat van één taal per ouder. Ik denk ook dat, als je het goed aanpakt, dit de enige mogelijke uitkomst is. Het lijkt nu wel of het een fluitje van een cent is, en daar wil ik een flinke kanttekening bij maken.

arthur & juliette II

De struggles

Onze omgeving is namelijk Nederlandstalig: de school is dat, de familie en vriendjes, en heel ons sociaal netwerk dicht in de buurt is het ook. Dat betekent dat onze kinderen heel veel Nederlands kunnen opsteken van andere bronnen dan ikzelf.

Voor Jerome is het een ander paar mouwen: hoewel de tv, radio en youtube zo Franstalig kunnen zijn als je wil, het kan al die andere input nooit bijbenen. Als er in de klas gesproken wordt over kometen, de postbode of meetkunde, zou je eigenlijk ‘s avonds al die informatie nog eens willen overdoen in het Frans.

Gelukkig zijn er fantastische grootouders die de kinderen op vakantiebezoek krijgen en dus veel input kunnen geven (Vuile woorden! Kinderliedjes!). Maar meestal komt het werk toch neer op de schouders van één man: papa.

Dus is een Franstalige omgeving creëren bij ons thuis, de enige toegift geworden aan onze oorspronkelijke voornemens. Aan tafel spreken we Frans, ook ik. En we kijken naar Mega Mindy in het Frans (of naar een andere tekenfilm, er zijn echt Franstalige pareltjes).

Elk kind verschillend

Natuurlijk merken we verschillen tussen onze kinderen. Voor Arthur is het altijd een beetje vlotter geweest om Frans te spreken, hij onthoudt snel woordjes en heeft een aangeboren taalgevoeligheid.

Juliette neemt het allemaal wat makkelijker, en steekt niet zo nauw met woordjes. Ze is nogal origineel in vertalen, zegt bijvoorbeeld Nederlandse woordjes met een Frans accent. We hebben dus wat andere trucjes nodig om haar ertoe te brengen goed Frans te spreken. Liedjes zijn bij haar het tovermiddel.

Maar is dat niet het geval met heel veel vaardigheden die kinderen op een verschillende manier kunnen aanleren?

Onze ervaring

Onze ervaringen kan je volgens mij samenvatten in deze aanbevelingen:

  • Spreek je eigen moedertaal met je kinderen. (Ik kan me niet voorstellen kinderliedjes te bedenken, een baby in slaap te sussen of woordspelletjes te verzinnen in een vreemde taal, hoe goed je ze ook beheerst.)
  • Creëer een tweetalige omgeving, waarin vooral de onderbelichte taal in de omgeving wordt ondersteund.
  • Wees zo consequent mogelijk aan je taalsysteem in alle situaties.
  • De omgevingstaal heeft een gigantisch voordeel op de andere taal. Die ouder moet zich opmaken voor een dagelijkse investering om input bij te benen.

De enige reden die ik kan bedenken waarom je een tweetalige situatie niet zou benutten om je kinderen tweetalig op te voeden, is luiheid (excusez le mot).

Wat ik er tegenover kan zetten, is het levenslange rendement van je investering. Want wat een schoon voordeel dat ze mee hebben gekregen voor de rest van hun leven!

TIP voor leuke Franstalige filmpjes op youtube: “Les as de la jungle‘ – Les mystérieuses cités d’orIl était une fois… (jeugdsentiment!)


veerleVeerle Vermeulen (38) is SlashParent van Arthur (6) en Juliette (bijna 5), en werkt als afdelingshoofd Jeugdzorg bij het CGG Vagga (centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg). Samen met haar Franse echtgenoot Jerome voedt ze haar kinderen tweetalig op wat niet altijd even gemakkelijk blijkt.