Al weken mogen we onbeschaamd binnenkijken bij een aantal gezinnen om te leren hoe zij de energiefactuur onder controle houden. Van stekkerdozen tot sokken drogen op de chauffage. Allemaal proberen we op onze eigen manier het klimaat een beetje te redden en #energierigerdoorhetleven te gaan. Ook deze week onderzoeken we samen met Luminus de energiegewoonten van een slashparent. En vandaag is het een specialleke! Ruben woont immers samen met Leen en hun twee dochtertjes van 2 en 5 jaar in een cohousing-project. Is dat geen mega geitenwollensokken-gedoe, ge weet wel? Kumbayaaa! En wat doet dat met je energiefactuur? Extra duur of goed te doen? Lees zeker verder!

Cohousing: crazy of cool?

Eerst en vooral: cohousing wat is dat nu eigenlijk precies? Ruben: “Wij wonen op een terrein van 4100 m² met 18 verschillende gezinnen. Het is echt een mix van jong en oud, alleenstaanden, mensen met een zorgnood en zo meer. We hebben zeker wel privacy, want wij wonen allemaal in ons eigen huis met terras. Het is hier dus geen gekke commune of zo. Daarnaast delen we een atelier (om daar met glitter te knutselen), een wasplaats, een fietsenberging en natuurlijk: een hele grote tuin en een bos! Zalig om in te spelen! We hebben ook een gemeenschappelijk paviljoen met daarin logeerkamers, een zaaltje én zelfs een gemeenschappelijk bad! Maar, dat moeten we nog zetten.”


Duurzaam delen: van bad tot wasmachine

Eén gemeenschappelijk bad? Are you kidding? Ruben: “Nee, echt. Een bad verbruikt veel water. Een regendouche trouwens ook. Je kort even douchen is dus beter. Dat gebeurt hier met regenwater. Is het nodig dat je een eigen bad in huis hebt? Voor iets dat je niet dagelijks gebruikt? Dat geldt trouwens voor veel dingen. Ook onze wasmachines zijn gemeenschappelijk. Wij zijn ervan overtuigd dat door te delen je grondstoffen, energie en geld kan besparen. Heel dit project is doordrongen van duurzaamheid. Dat was voor ons de belangrijkste reden om hierin te stappen. We willen onze ecologische voetafdruk zo klein mogelijk maken en zo een voorbeeld zijn voor onze kinderen. Dat is toch wel een belangrijke motivatie. Als ik de meisjes zie buiten spelen in de grote tuin, weet ik steeds weer waarom we dit doen.“


Warmtepomp en beebricks

Ok, wauw! Op welke manier probeert het cohousing-project die duurzaamheid dan nog na te streven? En is dat betaalbaar? Ruben: “Ten eerste is er zo compact mogelijk gebouwd om zo veel mogelijk groene ruimte te behouden. Dat is belangrijk om het regenwater maximaal in de grond te laten weglopen. We gebruiken ook geen fossiele brandstoffen om te verwarmen. Het water en de lucht worden opgewarmd door een warmtepomp. Verluchten gebeurt door een ventilatiesysteem. We hebben ook zonnepanelen en groendaken. Er werd ook gebouwd met speciale beebricks. Dat zijn bakstenen met speciale gaatjes zodat bijen erin kunnen wonen. In de nok van onze daken hebben we ook vleermuishuisjes gebouwd. We gebruiken ook bijna alleen regenwater uit onze put. Enkel om te koken en onze tanden te poetsen gebruiken we stadswater.”

Ruben: “Je kan dus zeggen dat we heel passief wonen. Dat is inderdaad een investering, maar dat is ons het waard. Op termijn haal je dat er wel uit. Je kan bovendien bij de provincie en de Vlaamse Overheid subsidies krijgen voor dit soort duurzame investeringen. Onze energie - en waterfacturen zijn daarbovenop erg laag. In een cohousing-project heb je ook voor de energierekening een soort verdeelsleutel waarbij je een stukje gemeenschappelijke kosten hebt naast de kosten van je eigen unit. Dat is wat te vergelijken zoals bij een appartementsgebouw.”

De kleintjes tellen ook!

Indrukwekkend! Zijn er ook kleine dingetjes die jullie doen om nog extra energie te besparen? Ruben: “ Zeker! We proberen bijvoorbeeld het aantal elektrische toestellen in huis te beperken. We laten ook onze opladers niet in het stopcontact zitten. In onze doorloopruimtes, zoals de gang, hebben we (zoals overal) ledverlichting met sensoren. Dan blijft het licht daar niet onnodig branden. Tussen onze voordeur en de woonruimtes hebben we een soort sas geplaatst, zodat de warmte niet ontsnapt elke keer als we de voordeur openen. In de keuken hebben we ook een recirculatiedampkap en een Quooker-kraan waardoor je minder energie verbruikt dan met een gewone waterkoker. Dat zijn nu allemaal geen dingen die specifiek voor cohousing zijn, maar toch een verschil kunnen maken hé.”


Allemaal #energierigerdoorhetleven! 

Amai, straf zo’n cohousing en ook wel inspirerend. Zou dat iets voor jouw gezin zijn, denk je? Sowieso nemen we uit Ruben zijn verhaal wel dingen mee waar we iets aan hebben. Die verlichtingssensoren kunnen onze kinders ook gebruiken, want die laten overal het licht branden! Wil je graag nog tips van andere gezinnen lezen? Dan is het samen douchen en leven zonder droogkast van Jenni bijvoorbeeld wel boeiend. Of het aanpakken van sluimverbruik door Bruno! Ook het verhaal van Katrien die nooit de verwarming opzet, kan je inspireren. Tot slot is er nog een tof online testje van Luminus waar je kan testen hoe energiezuinig je eigen huis is. Benieuwd hoe jullie scoren! 


Voor dit artikel werkte Maison Slash samen met Luminus. We publiceren hier enkel merken die bij ons/jullie passen, en waarin we zelf geloven. Je zal ons nooit horen zeggen dat iets gezond is als we daar niet zeker van zijn. Of dat iets plezant is, als dat niet zo is. We vertellen geen onzin. Beloofd. Hoe wij tegenover advertenties staat, lees je hier.