De communiekoorts bereikt intussen haar ultieme hoogtepunt. Maar wat als je dat feestje gewoon even skipt en een alternatief overgangsritueel bedenkt? Want steeds minder kinderen in België doen hun eerste communie of vormsel. In de plaats komen alternatieve ‘lentefeesten’. Bij slashparent Jozefien - hoofdredactrice bij Charlie- doen ze het nog net iets anders: met een survivaltocht en een kampvuur! Cool!

JOZEFIEN
Een lentefeest of vormsel organiseren: wanneer je kinderen krijgt, besef je maar half hoeveel dingen er allemaal in de takenpakket van ‘ouder’ zitten. Toen onze jongste zoon zeven werd, zaten we dus even met de handen in het haar. Wat te doen om dit grote moment te vieren? Een klassiek communiefeest was uitgesloten. Mijn man en ik zijn beiden geen fan van de katholieke kerk als instituut en ook de kinderen krijgen geen godsdienst op school.

Maar wat dan wel?

We wilden de mijlpalen in het leven van ons kind vieren met ‘iets anders’ dan een feest met cava en cadeautjes. Niet dat daar iets mis mee is (integendeel), maar de lentemaanden zitten hier al vrij vol met verjaardagsfeestjes en bbq’s. Gelukkig hadden de ouders van de school van onze kinderen deze denkoefening al lang voor ons gedaan.

Ze creëerden de traditie van het Zeven- en Twaalfjarigenkamp, als alternatief voor het communiefeest. De kinderen gaan in het jaar waarin ze zeven of twaalf jaar worden samen een weekend ‘op kamp’ met hun ouders en broers en zussen. In een bos of in een vakantiehuis, dat beslissen de ouders zelf. Het weekend kan vrij ingevuld worden door de ouders, maar omvat meestal een paar vaste ingrediënten zoals een bosspel, een kamplied en een kampvuur.

Samen in de natuur

Het idee erachter is gezellig samen zijn in de natuur en je kinderen een onvergetelijke ervaring geven. Als overgangsritueel moeten ze samen opdrachten doen, die hen ‘doen groeien’, zoals leren hoe ze een kampvuur moeten maken of hun angsten overwinnen in een hoogteparcours. De nadruk ligt op het groepsaspect: twee tot drie dagen lang leef je samen, eet je samen en beleef je samen de leuke en minder leuke momenten. De kinderen slapen samen in een tent of slaapzaal, de ouders en broers en zussen krijgen ‘s nachts een eigen plekje.

Ik moet eerlijk toegeven dat het idee van een weekend met vreemde mensen in een bos kamperen me in eerste instantie afschrikte. Ik ben niet zo’n kampeerder en al ben ik vrij sociaal, ik sta ook nogal op mijn privacy. Drie dagen lang toiletgeur en ochtendhumeur delen met mensen die je amper kent, ik had er zo mijn bedenkingen bij. Maar je doet het tenslotte voor je kinderen, anders kan je net zo goed babysit regelen en met je vrienden gaan vieren dat je je kinderen al zeven of twaalf jaar lang in leven hebt kunnen houden.

En zie, intussen zijn we twee Zevenjarigenkampen en een Twaalfjarigenkamp verder en ik heb er nog geen seconde spijt van gehad. En onze zonen van negen en elf ook niet. Ik zal je uitleggen waarom.

1. VEEL HANDEN MAKEN MINDER STRESS

Omdat je zo’n weekend organiseert met een groep ouders, verdeel je de taken. Meestal worden er verschillende werkgroepjes gemaakt en kies je zelf waar je talent (en goesting) ligt. Zo bereidde ik een keer het bosspel voor en zat ik vorig Twaalfjarigenweekend in het kookteam. Mijn man lay-outte twee keer de kampboekjes met opdrachten en de meer sportieve ouders staken een klimparcours in elkaar met touwen en boomstammen. Muzikale ouders zetten zich aan een kamplied en de creatievelingen onder ons knutselden een aandenken. En er is altijd wel iemand die graag in Excel werkt en zorgt dat de slaapplaatsen geregeld zijn en de waarborg gestort. De ouders die recent nog een kamp organiseerden of het te druk hadden kregen een free pass. In het kort: je staat er niet alleen voor en tijdens het weekend kan je ook al eens op je luie kont gaan zitten en genieten van het moment.

Een klimparcours en marshmallows roosteren op het kampvuur: twee vaste ingrediënten voor een geslaagd kamp.

2. HET IS FUCKING GOEDKOOP

Noem me ouderwets of gierig, maar ik vind dit dus een belangrijk argument. Volgens de laatste gezinsenquête kan een op de vijf Vlaamse gezinnen geen onverwachte uitgave van 1.000 euro aan en zich geen jaarlijks weekje op vakantie veroorloven. Me dunkt dat het kostenplaatje voor veel gezinnen dus een belangrijk aspect is. Organiseer maar eens een lentefeest voor 30 man met eten en drinken en een springkasteel en mooie kleren en iedereen naar de kapper. Je bent al gauw 500 euro kwijt. Dat geld spenderen veel gezinnen liever aan hun vakantie of de afbetaling van de hypotheek, om maar iets te noemen. Op het Zeven- en Twaalfjarigenweekend worden dan ook geen cadeaus gekocht. De kinderen krijgen enkel iets kleins als aandenken aan het weekend, een sleutelhanger of een zelfgemaakt vriendenboekje. Nieuwe schoenen hoef je ook niet te kopen, want de kinderen lopen de hele tijd op blote voeten en in kleren die vuil mogen worden. Voor drie dagen overnachten in een vakantiehuis, eten, drinken en het kampboekje betaalden wij het laatste weekend ongeveer 100 euro voor ons hele gezin. Zalig toch?

Een van de ouders maakte voor elke ‘Dozijner’ een survivaltas met een kampboekje. Daarin stonden de opdrachten uitgelegd en konden de kinderen iets schrijven over elkaar. Achteraan in het boekje zit een enveloppe waarin de ouders een brief kunnen steken aan hun kind die ze pas op hun 18e mogen openen.

3. NIET CHIQUE, WEL HEILZAAM

Er gaat niks boven ’s ochtends vroeg in je jogging je koffietje drinken met het geluid van de vogeltjes op de achtergrond. En ’s avonds rond het kampvuur zitten en marshmallows roosteren, koud pintje bij de hand: meer moet dat echt niet zijn. Een weekend doorbrengen in de natuur, het heeft iets heilzaams. Iets spiritueels, zou je zelfs kunnen zeggen als je daarnaar op zoek bent. Want hoeveel eeuwen doen we dat eigenlijk al als mensen, gezellig rond een vuur zitten ’s avonds en naar muziek luisteren? Grote potten en pannen vol eten maken en samen opeten aan lange houten tafels onder de blote hemel? Op zo’n weekend ga je terug naar de essentie en de eenvoud. En in tijden van druk druk druk en veel veel veel, is dat misschien wel het grootste cadeau dat je jezelf en je kinderen kan geven.

4. JE LEERT JE KIND (EN JEZELF) BETER KENNEN

Als ouder wil je af en toe graag een vlieg op de muur zijn in de klas, om te zien hoe je kind zich in de groep gedraagt. Wel, op zo’n weekend kan je dat ook. Je ziet wie de leider is van de groep, wie zich bekommert om het kind dat niet meekan en hoe conflicten worden opgelost. En natuurlijk ook welke dansjes er in zijn en wie het aan heeft met wie. Voor de ouders zijn deze weekends ook een oefening in loslaten. Op het voorbije Twaalfjarigenkamp moesten onze kinderen bijvoorbeeld op vrijdagmiddag helemaal alleen de trein nemen van Mortsel naar Zedelgem. Ze kregen enkel een survivalboekje mee met een kaartje en de treinuren. De ouders vonden het spannender dan de kinderen (de flessen wijn gingen dus al vroeg open die avond). Het moment waarop de kinderen veilig aankwamen op het paviljoen was een overwinning voor de kinderen zowel als de ouders.

Bonding in het bos.

5. JE FEEST À LA CARTE

Omdat iedereen anders is en je in groep altijd rekening moet houden met elkaar, zijn de regels op kamp best zo flexibel mogelijk. Want karakters botsen nu eenmaal en iedereen heeft zo zijn eigen gewoontes. Zo is het kamp niet verplicht, maar enkel voor de gezinnen die mee willen. Kinderen die niet graag kamperen, kunnen kiezen om enkel overdag te komen. En samengestelde gezinnen spreken gewoon af of ze samen dan wel op aparte dagen komen. Rokers of niet-rokers, vegetariërs of vleeseters, drukke kinderen of introverte kinderen: het belangrijkste is dat er voor iedereen plaats en aandacht is. Het aantal opdrachten en bosspelen wordt best ook herleid tot een minimum omdat niemand zich aan een strak tijdsschema wilt houden op een weekend waarin vooral gevierd en ontspannen moet worden.

 

Je bent een bakfietsouder of je bent het niet. Het Zevenjarigenkamp van de jongste zoon vierden we als moderne hippies op een groot kampeerterrein met een boel uitgelaten kinderen.

Na zo’n weekend kom je thuis met een kind dat doodmoe is en vuil van kop tot teen, maar wel de tijd van zijn leven heeft gehad.

Deze formule is op onze school (de Zeppelin in Mortsel) al een hele tijd traditie en wordt elk jaar wat meer gefinetuned doordat ouders leren van elkaar en uit ervaring. Het is een kleine, ervaringsgerichte buurtschool waar iedereen elkaar kent en de klassen niet groter zijn dan 17 kinderen, wat alles net iets makkelijker maakt. De leerlingen gaan er vanaf de kleuterklas met de school kamperen en kennen dus de gang van zaken op zo’n kampeerterrein. Hoe je een slaapmatje moet oprollen en dat het hout op het kampvuur ’s ochtends nog heet kan zijn. Maar zo’n dingen leer je snel bij.

Ook goesting gekregen? 

Voel je wel iets voor deze vorm van vieren? Stel het eens voor op de speelplaats of bespreek het op een ouderavond en maak een Whatsapp-groepje aan (verwacht je wel aan honderden berichten!). Via jeugdverblijven.be vind je snel honderden kampeerplaatsen en vakantiehuizen. En een bosspel steek je zo in elkaar met een paar ouders die ooit in de scouts of chiro hebben gezeten.

Nu onze oude tradities stilaan verwateren, is het aan ons om nieuwe memorabele momenten te creëren voor onze kroost en onszelf. Religieuze instituten hebben gelukkig geen alleenrecht op zingeving en overgangsrituelen. Een Zeven- of Twaalfjarigenkamp met je kinderen in een bos met een kampvuur, ik kan het alleen maar aanraden.