Laten we het in volle coronavirushysterie eens even hebben over wonen en werken in China. Zo, dat trekt meteen de aandacht. (Wuha-ha!) De slashparent in dit artikel zit nu even in de veilige zone van het belgenland. Cindy Barbarin, mama van een tienjarige dochter en een zevenjarige zoon, vertrok in oktober 2019 voor een jaar naar China om er les te geven in een balletschool. Als internationaal gediplomeerde RAD (Royal Academy of Dance)-lerares is ze overal ter wereld gegeerd. Haar eigen Aziatische roots deden de balans doorslaan naar het Verre Oosten. Ze vertelt over de moedige, leerrijke en wellicht ook noodzakelijke keuze. En ook over de ingemetselde Vlaamse vooroordelen ten opzichte van vrouwen-weg-van-de-haard.

Qua 'omdenken' kan deze wel tellen. De half-Vietnamese Cindy zette voor het eerst voet op Aziatische grond toen ze 24 was. Ze bezocht er verre familie en het was liefde op het eerste gezicht. En niet alleen met de kirrende tantes en de heerlijke Vietnamese streetfood. Alsof ze in een glazen bol keek, wist Cindy: ik kom ooit wonen en werken in Azië. Voor alles een tijd en een plaats weliswaar, want ondertussen gebeurde het leven: een relatie, een trouw, een kindje en nog eentje erbij. Cindy vervulde ook een meisjesdroom: balletjuf zijn. De ambities groeiden en ineens was daar een gloednieuwe, eigen dansschool in geboortestad Oostende.

Schipbreuk

Een leven in België kabbelde voort en het gezin deinde mee op de golven. En toen gebeurde het leven opnieuw: het kabbelende beekje werd een woelige rivier en de ondertussen twintigjarige relatie liep op de rotsen. 

Cindy vertelt: “Mijn man en ik runnen beiden een eigen zaak. Hij een biobedrijf, ik de dansschool. We leefden voor onze kinderen en voor ons werk en zonder dat we het meteen doorhadden groeiden we uit elkaar. Ik weet het, een klassieke valkuil, hé! Eentje dat ik dacht te kunnen mijden ...”.

Het koppel besloot anderhalf jaar geleden uit elkaar te gaan. Vrijwel meteen dienden de praktische problemen van een zelfstandige, alleenstaande moeder in de culturele branche zich aan. Financiële debacles dreven Cindy in de richting van bijklussen in de horeca, het enige dat wettig én organisatorisch combineerbaar was. Maar al snel werd duidelijk dat deze combinatie niet vol te houden is. Ze is moe, ze is gefrustreerd en boos. Ze ziet haar kinderen te weinig. Het systeem laat haar - en met haar vele andere alleenstaande ouders - in de steek. Het watertrappelen en ongelukkig zijn, maken van haar geen aangename mama meer. En dat bijt. Want ze wil er écht kunnen zijn voor haar kinderen.

China girl

Een van de ontelbare, internationale aanbiedingen bleef in haar mailbox knipperen en lonken. En plots was het glashelder wat haar te doen stond: de droom om in Azië te wonen en werken combineren met de noodzaak om zichzelf financieel en emotioneel te ontplooien. Hallooo, Beijing! Cindy: “Het betrof een felbegeerde positie in een dansschool in Beijing met een loon waar ik in België alleen maar kan van dromen. Mijn plan was snel gesmeed: een jaar China zou me financieel uit de slop trekken, waarna ik terug op eigen poten zou kunnen staan zoals het hoort.” Ondanks de ijverige concurrentie rijft ze de job binnen. Rest nog ‘de omgeving’ van haar plan op de hoogte te stellen. Cindy vertelt: “Ik denk dat de eerste reacties zonder uitzondering waren: WAT? ZO VER?! En je eigen dansschool dan? EN JE KINDEREN?! Maar na wat tekst en uitleg kon ik toch vrij snel rekenen op de steun van mijn mama, dichte vrienden en ook ex-partner.”

Ook haar twee bloedjes betrok ze meteen in het proces.“Elke stap van de aanwervingsprocedure volgden ze op de voet en we deden samen vreugdedansjes telkens er weer een hindernisje genomen was. Zo konden de kinderen zich helemaal inleven, werden ze niet buitenspel gezet, en toen de dag aanbrak waren ze voorbereid … en best wel trots!”

kfzC59WgaoELyVv2pApYw4uoTw4unx7Ax3W0apzj.jpeg

Internationale wateren
Cindy groeide op met een papa die vaak van huis was. Haar vader werkte als marconist op de boten en was soms maanden  weg. “Gedurende zes tot acht maanden hadden we dan gemiddeld een keer per maand telefonisch contact. Op mijn verjaardag kwam er een telegram of een exotische postkaart. Ik heb geen onaangename herinneringen aan mijn jeugd, noch heeft het de band met mijn vader negatief beïnvloed.” 

Anderzijds is ze wel blij dat zij en haar kinderen niet hoeven te wachten op dat ene krakende telefoontje per maand. “De tijden zijn veranderd en ik hoor, zie mijn kinderen elke dag dankzij de wonderen van het internet. Er is Skype of WhatsApp, ik geniet enorm van die dagelijkse contactmomenten.”

Ook de kinderen dobberen gezapig verder, nu de woelige wateren weer wat bedaard zijn. “Mijn dochter vertrekt het volgende schooljaar naar de kunsthumaniora in Brussel en gaat op internaat, dat wil ze al zo lang. Iets van de appel en de boom, wellicht! (lacht).” Cindy’s kinderen kennen het buitenland, en meer bepaald grote delen van Azië, als hun achtertuin. Het gezin reisde al verschillende keren richting Azië en trok er elke zomer voor weken na elkaar op uit. Reizen is hen niet vreemd en dus kunnen ze zich een goed beeld vormen van ‘waar mama nu zit.’ Cindy onderstreept ook nog: “Ik kan dit doen, omdat mijn kinderen dit kunnen. Ze zijn zo opgevoed, met backpacken, flexibiliteit en open communicatie. In een huis waar constant mensen komen, gaan en blijven slapen. Mijn ex-partner is in dit verhaal ook onmisbaar. Hij kan het bolwerken om een alleenstaande papa te zijn en heeft ook een warm gebreid deken aan mensen om zich heen, die helpen wanneer nodig. Mijn vertrek past in ons immer beweeglijke plaatje. En mocht het plots niet meer passen, dan zit ik op het eerste vliegtuig naar huis.”

vXOFIu2IZIt8RSSw0sYQHpyRe6RpkHuItVjbfukG.jpeg

e0Q1vLloZvehpXKRUosdm97XXHjbeWKzEPUXuzOh.jpeg

Bad mom?

Alle open geesten, communicatie, uitleg en co ten spijt, ondervindt Cindy dat, terwijl het zelfs back in the days als normaal werd beschouwd dat een vader tot een half jaar lang weg was van huis, zij anno 2020 best wel vaak de wind van voor krijgt. 

Op de vraag of ze vindt dat onze maatschappij voldoende geëmancipeerd is opdat een vrouw haar kinderen ‘achter’ laat en kiest voor haar carrière en/of persoonlijke ontwikkeling, antwoordt ze duidelijk: “Absoluut niet!” 

Ze kent mannen genoeg die om dezelfde bravoure gelauwerd worden en nooit ofte nimmer het vuur aan de schenen gelegd krijgen over het gezin in de steek laten. Ze ondervindt nu dat dit voor moeders niet geldt. “Ik zou mijn kinderen nooit kunnen achterlaten, is een veelvoorkomende uitspraak”, zucht Cindy. En hoewel dit voor sommigen misschien inderdaad zo is, is een moeder die het wél doet niet per definitie een bad mom.

Cindy: “Ik heb deze keuze precies gemaakt om mijn kinderen binnenkort een goed en comfortabel leven te kunnen geven. Ik zat op alle vlakken klem: relationeel, emotioneel, financieel. Ik ben dus ook vertrokken in het kader van zelfzorg en mijn carrière. Ik ben ervan overtuigd dat ik, en bij uitbreiding alle mama’s, er pas echt kunnen zijn voor hun kinderen als ze zelf ook gelukkig zijn. Dat is zo in alle relaties. Doe eerst je eigen zuurstofmasker aan, voor je anderen assisteert, toch?"

"Nu voel ik mij veel rustiger en beter dan anderhalf jaar geleden. Ik heb meer tijd om te praten met mijn kinderen, ook al zijn ze ver weg. Mijn oren en geest en hart zijn opnieuw helemaal open voor hen. Ik heb goed werk en ik heb doelen vooropgesteld die steeds dichterbij komen. Aan zelfontplooiing doen, hoeft niet op gelijke hoogte gesteld te worden als ‘egoïsme’. Ik voel me sterker en meer capabel dan ooit. Als vrouw, als dansleerkracht, als moeder. Er vloeit zoveel inkt over feminisme, emancipatie, zelfzorg en ‘me-time’. Wel, dit kadert in elk van die termen. Het is tijd om dus ook dit glazen plafond te doorbreken: mama’s mogen ook een carrière weg van huis ambiëren. Moderne technologieën en betaalbare vliegtickets hebben de weg al deels geplaveid. Aan ons om die te bewandelen.”

Bam. Mic drop.