Op 17 november is het Wereld Prematurendag. Jaarlijks worden er in België nog duizenden baby's te vroeg geboren. Sommige baby'tjes halen het jammer genoeg niet en voor de kindjes die het wel halen, zijn de zorgen na de couveuse vaak nog niet voorbij. Op een dag als 17 november wordt de problematiek hierrond extra in de kijker gezet. Maar voor alle ouders die ooit  te vroeg bevielen van hun kind is deze dag vooral een throwback naar hun meest emotionele en bijzondere gebeurtenis. Zo ook voor slashparents Heidi en Ronald.

HEIDI

Lily Rose. We zagen die naam voor het eerst bij de aftiteling van de film ‘Il y a longtemps que je t’aime’. Ronald en ik keken elkaar aan en zeiden allebei ‘Oh, Lily Rose!’ en de naam bleef plakken. 


(Sven Rammeloo)

't zal wel een kwaaltje zijn

Ik was 29 weken zwanger toen ik in het ziekenhuis werd opgenomen met een ernstige vorm van zwangerschapsvergiftiging. Ik stond ’s morgens op met hevige buikpijn, maar maakte er niets van: je bent zwanger en daar horen nu eenmaal kwaaltjes bij. Toen ik ’s avonds lag te huilen van de pijn, belde Ronald voor alle zekerheid toch de dokter. Die zei toen dat we, in mijn conditie, best meteen richting ziekenhuis trokken. Daar werd me verteld dat ik zou moeten blijven tot de bevalling. Ik weet nog dat ik dat heel raar vond. Zo lang!?

Voor de rest weet ik niet heel veel meer. Alleen: ik deed mijn uiterste best dat kindje ‘binnen te houden’. Ik wist dat ik medicijnen had toegediend gekregen om de longen van de baby sneller te laten ontwikkelen. Elke extra dag in de buik was een dag gewonnen. Zo zag ik het.  

Op maandag ging ik binnen, de nacht van woensdag op donderdag was ik plots bewusteloos, en donderdagochtend is Lily Rose geboren. 23 oktober 2008. Ik was ‘afwezig’. En Ronald mocht niet bij de bevalling aanwezig zijn omwille van de complicaties. 

We hadden ontzettend veel geluk dat ik op de juiste plek was én dat de juiste specialisten aanwezig waren, of ik was er niet meer geweest. Dat kreeg ik achteraf te horen.

Het zijden draadje

Ik kwam na de bevalling meteen terecht op intensieve. Lily Rose lag op neonatale, in een couveuse, en deed het relatief goed: ze kon van in het begin zelfstandig ademen. Ik zweefde een tijdje tussen leven en dood. Van die eerste dagen herinner ik me heel weinig. Ronald moest in het begin zelfs een paar keer na elkaar vertellen dat we een dochter hadden gekregen. (We kenden het geslacht niet op voorhand.) ‘Oh, een meisje!’, zei ik dan, elke keer weer, om vervolgens wéér weg te zinken in een soort slaap…

Lily Rose kreeg ik niet te zien. Toen bleek dat mijn lever gebarsten was, volgden nog twee operaties. De dokters bereidden onze families ondertussen op het ergste voor. Ik wist op een bepaald moment dat ik er erg aan toe was en heb zelfs afscheid genomen. Ik verzekerde Ronald dat hij een hele goeie papa zou zijn en vertelde mijn beste vriendin dat ik haar graag zag. 

Die tien dagen op intensieve waren voor mij de hel. Ik lag in een klein kamertje met als enig hoogtepunt de bezoekjes van Ronald. Hij miste geen enkel bezoekmoment, was altijd precies op tijd. Ongelofelijk hoe hij dat heeft klaargespeeld. Hij sliep amper, verdeelde zijn tijd tussen Lily Rose en mij. Ik kan alleen maar liefde en bewondering voelen voor mijn man.


(Sven Rammeloo)

zien, voelen, ruiken

De verpleegkundigen wilden me foto’s geven van de baby en stelde ook voor om haar eens te bekijken via de webcam, maar ik weigerde. Er werd meteen gedacht aan een postnatale depressie, maar dat was het absoluut niet: ik wou mijn kindje in het écht zien, haar aanraken en ruiken. 

Aan de couveuse van Lily Rose hing al die tijd een bordje met ‘meisje’. Ik wilde niet dat de naam al bekend was voor ik mijn dochter had gezien. Ik wou ook niet dat de grootouders het kindje zagen voor ik dat deed. 

Ik ben op neonatale beginnen kolven. Er werd me verteld dat het niet zeker was of dat zou lukken. Omdat er al enkele dagen voorbij waren, ik heel zwak was… Ik kon dat apparaat zelfs niet zélf vasthouden. Maar ik wou het koste wat kost proberen. Het lukte. En zo voelde ik me toch nuttig. Al ging de melk gewoon rechtstreeks van de borst de vuilemmer in: ik nam veel medicatie dus de melk kon niet naar het kleintje.  

my beautiful girl

Pas na tien véél te lange dagen zag ik mijn dochter voor het eerst. Ik werd met mijn bed naar neonatale gereden. Op die - veel te lange - tocht door de ziekenhuisgangen zag ik voor het eerst ook weer daglicht. Dat voelde aan als een soort wedergeboorte. 

Eindelijk zag ik Lily Rose en mocht ik haar vasthouden. Ze woog amper een kilo, was niet veel groter dan een hand en lag aan allerlei buisjes en machines, maar toch vond ik haar niet raar. Dit was mijn dochter. Die band was er meteen en vanaf het eerste moment was ik haar moeder. Lily Rose was het meisje waarvan ik altijd gedroomd had. Ik zeg haar dat nu nog altijd bijna elke dag: ‘Jij bent het meisje dat ik altijd wou.’

En elk jaar op Wereld Prematuren Dag kijken we in een bijzonder album: met foto’s van haar eerste, heel bijzondere, levensdagen. Ik ben zo blij dat ze er is.  


(Sven Rammeloo)