Scholen toe, gedaan met shoppen, een glas drinken deed je maar met je gezinsbubbel op je eigen terras, ... De grootse effecten van heel die f*cking corona-shizzle, we konden er niet naast kijken. Maar zag jij, in die ieniemienie bubbel van jou, ook wat verschil in de kleine dingen? Slashparent Eva zag plots een merkwaardige verandering bij haar dochter...

De tsunami aan kindertekeningen

Ik heb er meermaals op gevloekt, ooit, nog niet zo lang geleden. Tekeningen. Nu ben ik niet van de ordelijkste der moeders. Maar zelfs ik kreeg het regelmatig op m’n systeem van die niet-aflatende stroom aan tekeningen en knutselwerkjes die dagelijks van school naar huis mee moesten.
Witte of andere kreukeldingen, die nooit geplooid maar altijd gerold moeten worden maar waar gegarandeerd nooit meer naar werd omgekeken.  Tot de dag dat je er ééntje bij het oude papier legt en dochters’ oog er toevallig op valt. Dan is het kot te klein en ben ik gegarandeerd een vreselijke moeder. Hoe kan ik één van haar uitzonderlijke creaties gelijk stellen aan een lege doos rijst of een bonnetje van de Spar? Ik wist toch dat dat haar lievelingstekening was?

Nu neem ik de school niks kwalijk hoor. Het is belangrijk en nodig voor hun ontwikkeling, dat weet ik wel. En ze doet niks liever. En dus worden we overstelpt met herfstblaadjes, Kerstknutsels, vaderdagcadeaus, moederdagattenties, valentijnshartjes, Paasmandjes en tussendoor véél regenbogen nog meer hartjes, bloemen, schrijfdansen en onherkenbare maar aandoenlijke portretten van mezelf. Dat weet ik, omdat er telkens “mama” bij staat.

Hopla, nog een doos gevuld

Voor u me ervan verdenkt een ongevoelige moeder te zijn, die kleurrijke creaties doen me wel degelijk wat. Dat is nu net het probleem. Ik zou ze allemaal willen bijhouden maar dat is echt gewoon onmogelijk. Daar kwam ik achter in de loop der jaren. Eerst kocht ik een doosje bij Ikea om ze in te bewaren. Doosje werd doos, doos werd dozen, en ja, nu is het genoeg. Less is more.

Dat ze aan de schoolpoort een papierversnipperaar zouden moeten zetten, opperde ik weleens voor de grap aan andere moeders. Dat zou het leven een stuk vergemakkelijken. En de rit naar huis ook. Want telkens je te voet of met de fiets bent, moeten er gegarandeerd een bloemstuk, drie waaiers en vier imaginaire uitnodigingen voor een logeerpartijtje mee. En nog een kleurplaat, waar meestal nog per se aan begonnen moest worden als ik op de valreep bij de nabewaking aankwam.

En toen kwam corona...

Maar waar ik heen wil. Zo’n drie maanden geleden droogde de stroom aan  tekeningen op. De scholen gingen dicht, dus daar kwam niks meer vandaan. Maar ik merkte dat mijn dochter, normaal steeds in de weer met kleurtjes, glitters en verf, ook thuis niet meer tekende. Het leek wel of samen met de schoolpoort, haar creativiteit op slot was gegaan. Alsof de regenbogen en de hartjes samen met haar vriendinnen uit haar leventje waren verdwenen. Schermpjes werd zowat het enige waar ze nog toe te motiveren werd. Het kwam zelfs zo ver dat ik haar probeerde te motiveren aan de slag te gaan met slijm, aquarelverf, glitterstiften of WC-rolletjes. Tevergeefs.

Maar kijk. Sinds een paar weken  gaat ze weer naar school. En toen ik haar de eerste dag ging halen waren ze er weer. Vier tekeningen. Ik heb ze extra goed bekeken. Het was een regenboogletter, een bloem, een hart met vleugels en een cadeau-tekening van een vriendinnetje. En ik vond ze prachtig.

Ik kan niet beloven nooit nog te vloeken op witte A4-tjes in mijn fietstas of autokoffer. Maar deze vier houd ik voor altijd bij.