Ik heb twee zonen en ik ben daar keiblij mee. Intussen zijn de mensen gestopt met opmerkingen als 'allez, een derde... voor een meisje!'. De biologische klok is gestopt met tikken. Er komt geen baby meer, zoveel is duidelijk. Dus ook geen dochter. 

Ik moet toegeven dat ik ooit -toen ik pré-kinderen aan kinderen krijgen dacht-, mezelf steeds zag met een dochter. Niet voor fröbeldingetjes, want really, mêh, echt niks voor mij. Alleen al het idee van die meisjes vroeger in de klas met hun stinkbalpennetjes in allerlei rozige pasteltinten. Zo van die types die altijd piekfijn in orde waren, recht konden knippen en hun map tussen de twee banken plaatsten zodat je niet kon afkijken. Hated them.

Als ik een dochter had

Nee, als ik een dochter had, dan zou het zo'n ravotkind zijn, met wilde haren in schattige speldjes. Trots op haar vrolijke en kleurrijke jurkjes die mooi rondzwieren als ze pirouetjes draait. Maar evengoed een meisje dat niet beschaamd is om spelenderwijs een duw terug te durven geven, of zich heerlijk vuil te maken in het bos. Een kind dat 's avonds vol lijm en balpen hangt, en met hoogst interessante verhalen naar huis komt. Ik zou mijn dochter als sterke vrouw hebben opgevoed, met allerlei powerwoman-wijsheden. Ze zou een vrouw van de wereld geweest zijn, niet bang om haar eigen keuzes te maken. "Amai, dat is nogal een straffe madam", zouden de mensen zeggen (wetende dat we 'straffe madam' nogal een vreselijke uitdrukking vinden.) 

Pweit pweit pweit pweut. Gezien de pillen van mijn biologische klok onherroepelijk plat zijn, zal ik nooit een dochter mogen opvoeden en coachen. En dat heb ik lang toch stiekem wat vervelend gevonden. Want hoe moest ik mijn feministische wijsheden nu doorgeven aan het nageslacht? Mijn plan was al jaren uitgekiend: ik ging samen met mijn dochter strijden voor meer gelijkwaardigheid. We - als echte Beyoncés - gingen de wereld poepie laten ruiken!

onze generatie zonen

Exit plan A - want dus me, boys mom, hallo. Ook plezant hé, voor je zonen ben je als moeder sowieso de held. Maar vooral: sinds kort kwam het besef.  Feminisme ligt nìet meer in de handen van de vrouwen. Het zijn onze jongens die we moeten opvoeden, moeders. Het is onze generatie van zonen die het doodnormaal gaat vinden dat vrouwen hetzelfde mogen, kunnen en willen als mannen. Zonder onderscheid. Zonder plafonds. En ja, zonder quota. 

Jawel, het zijn onze zonen die ervoor gaan zorgen dat vrouwen veilig op straat kunnen lopen. (Bijna had ik geschreven ' 's nachts', maar fuck, òòk overdag!) Ik hoop dat mijn zonen later evenveel aan vrouwen als aan mannen zullen vragen 'hoe ze hun werk combineren met een gezin'. Dat ze zonder schroom 4/5de aanvragen bij hun baas. Dat ze nooit vrouwen zomaar gratuit 'meiske of juffrouke' noemen. En hen evenwaardig inschatten als zichzelf. 

Dat, mijn lieve moeders, is mijn nieuwe doel: zonen opvoeden die zorgen dat de toekomst van de volgende generatie vrouwen er mooier -en vooral eerlijker- uitziet.