We worden overspoeld door duurzame reclameboodschappen en producten. Maar wat mogen we geloven en wie wil gewoon verkopen? Samen
met Bio-Planet steekt telkens één slashparent (én gezin) de handen uit de mouwen om ecologischer
te leven. Zoals Rien en haar wasmachien. Krijgen ze samen alles proper met een ecologisch
wasproduct: van groene plaksnottebellen op mouwuiteindes tot aardeknieën op
bleke broekjes en plasincidenten in de autostoel? Hier gaat ie dan … de
test! 
RIEN

Ik ben geen waskoningin – voilà dat is eruit, kwestie van met een propere lei te starten. Maar ik vind het wél belangrijk om ecologisch te wassen. Niet alleen voor het milieu, maar ook voor ons gezin (hierboven afgebeeld op de throwback-foto van vorig jaar): zwangere ik (34), zweterige vriend (39) en zoonlief ‘ik heb niet geleefd als ik niet vuil ben’ (2). Want wij wentelen ons elke dag in de kleren, handdoeken en lakens die zijn gewassen met het product uit onze winkelkar: chemisch of natuurlijk.

Mijn oog scant dus professioneel winkelrekken af naar verpakkingen met ‘biologisch’, ‘natuurlijk’ of ‘0%’. Dit geeft geen garanties, maar ik ben vaak te moe of gemakzuchtig om langer stil te staan in een gang waar mijn peuterpassagier alles grijpt wat zijn handjes kunnen krijgen vanuit de kar – en help: binnenkort mag hij er niet meer in, want hij weegt bijna 15 kilo #gewoonblijveninzettenveronderstelik. 

Beter voor ons velleke en het milieu

Bij Bio-Planet moet ik minder scannen. Goedgelovig als ik ben, ga ik ervan uit dat alles in hun aanbod beter is voor ons velleke en het milieu. Dus kies ik lekker esthetisch: op verpakking. Het eerste wat in mijn kar belandt, is een muntgroene flacon in de vorm van een stuk zeep: ‘Seepje, vloeibaar wasmiddel, versgeperste lentegeur voor bonte was’, staat erop. Eerlijk: wit en bont vliegen bij mij samen in de trommel op 30°C of 40°C, zelden problemen mee gehad (ik was nieuwe, donkere kleren uiteraard niet samen met bleke stuks).

De verpakking vertelt dat dit vloeibare wasmiddel is gemaakt van de schillen van Sapindus-vruchten: die groeien blijkbaar aan Sapindus-bomen in de Himalaya en bevatten een natuurlijk soort zeep dat vrijkomt in contact met water. Ik ga zelfs nog een stapje verder, want ik spot ook een kartonnen verpakking van Seepje waarin ik die bruine superschillen in hun volle glorie zie zitten door een kijkvenstertje – precies verschrompelde dadeltjes.


Superschillen van de Sapindus-boom, say what?!

Blijkbaar kan je ook wassen met de gedroogde schillen van die vrucht: ‘Seepje superschillen, neutraal, voor wit, bont, zijde en wol’ – alles samen, that’s my kind of wasmiddel! Ik ben zonder zoon op pad, dus heb tijd om de uitleg op de achterkant te lezen. Die triggert mijn sensoren: de schillen zijn hypoallergeen, vrij van chemische gribussen (wat dat ook moge wezen, maar ik veronderstel dat dit goed is) en fijn voor je huid. Ze werken ook als wasverzachter, wat ideaal is want die gebruik ik anders toch niet.

Nu ik bezig ben, en omdat ik die schillen misschien niet 100% vertrouw, neem ik nog een flesje ‘vloeibare galzeep’ mee. Mijn vriendinnen zeggen dat dit wonderen verricht tegen vlekken, dus laat ik mij (ver)leiden door hun stemmen in mijn hoofd. Zo, beslist. Nu nog wat gratis gangproevertjes meepikken en wat doelloos ronddwalen op zoek naar verleidelijke nieuwigheden (mijn oog scant ook ongevraagd naar ‘nieuw’ op verpakkingen, zeker als het om eten en drinken gaat) en dan afrekenen.

I dare you  chocolade- en snottebellen-vlekken!

Ik kom thuis met een halve indigestie, al zitten die eerste drie maanden zwangerschap daar ook voor iets tussen. Toch trek ik nog een pak van die nieuwe koeken open die ik net kocht. Dan doe ik van powernapke in de zetel … en word mottig wakker met een chocoladevlek op mijn boezem. Ooit al gehoord van serendipity? Toeval bestaat niet, het universum daagt me uit om mijn aankoop te testen. And I’m in!

De chocoladevlek mag op een natte rondreis van 30°C: vergezeld door snottebellen-, aarde-, ‘ikke geen bavet’-vlekken én vier volle (of acht halve) exotische schillen. Die laatste drop ik in een klein, stoffen waszakje dat mee in de verpakking zit. Als je graag een geurtje wil, kan je zelf etherische olie toevoegen: 10 druppeltjes in het vakje van de wasverzachter, lees ik op de website van Seepje. Dat zal voor de volgende wasbeurt zijn, want ik wil weten hoe hard de wasjes van elkaar gaan (ver)schillen #flauwewoordspeling.


Proper en (lente)fris

Proper! Of toch minstens even proper als anders. De geur zou neutraal moeten zijn, maar ik ruik de lichtzure geur van de vruchten. Mijn vriend niet, die zegt dat het aan mijn zwangere neus ligt. Hij is nochtans ook kritisch van aard, maar vindt dat zijn kleren zelfs frisser ruiken dan anders – zegt hij terwijl hij ongegeneerd met zijn neus onder zijn oksel snuift.

De volgende vruchtbare Sapindus-wasbeurt gebeurt op 60°C: met lakens, handdoeken, kousen, onderbroeken en 10 druppeltjes citroengrasolie. Lekker fris! Heerlijk om onder zo’n versgewassen lentelaken te kruipen – een extra voordeel: limoengras helpt ook tegen de muggen, al geldt dat misschien niet voor etherische olie. Wel opletten dat je het zakje met schillen niet mee in de droogkast gooit (yes, I did)!


De test verloopt vlekkeloos

Zoonlief zijn autostoelhoes mag er ook aan geloven: die vliegt in een kort wasje op 30°C, zonder etherische olie, met schillen die ik voor de derde keer hergebruik (je kan namelijk 3 keer wassen met elke vrucht). De hoes schoonwassen ging makkelijker dan ze eigenhandig van rond de autostoel krijgen (ik was alleen thuis): proper op 20 minuten, ondanks de ingekoekte resten plakfruit, chocoboterham, melk en pipi-accidentjes.

Ook de wasjes met het vloeibare ‘versgeperste lentegeur’-wasmiddel verlopen vlekkeloos (al ruikt hun lente wel heel subtiel). De fles geeft zelfs instructies voor de dosering: van een klein, lichtvuil wasje tot een grote, vuile was. Handig, want anders giet ik gewoon op goed gevoel – en word ik vaak overspoeld door twijfels over te veel of net te weinig wasmiddel.

niet alleen voor geitenwollensokken


Ik blijf het meest onder de indruk van de gedroogde superschillen. Zo gemakkelijk dat zelfs ons kind van twee het kan: gewoon vier vruchten in het zakje en - zwier - de wastrommel in (gedaan met vuile wasbakjes of zeepdruppels op de vloer). Zo ecologisch dat ik mij schuldig voel over de flacons die mij aanstaren uit hun plastic doppen: na drie wasbeurten gooi je de schillen gewoon bij het gft-afval. Zo verrassend goed (ik had de galzeep zelfs niet nodig) en duurzaam dat ik ze ongevraagd aan iedereen aanbeveel: gewoon proberen! Kortom, de test werpt zijn vruchten af: ik blijf voorlopig wassen met dit natuurlijke, biologische, 0% product zonder chemische gribussen (wat blijkbaar ‘rotzooi’ betekent).


Voor dit artikel werkte Maison Slash samen Bio-Planet. Maar de test die onze slashparent hier deed, is voor alle duidelijkheid kei-écht. We publiceren hier enkel merken die bij ons/jullie passen, en waarin we zelf geloven. Je zal ons nooit horen zeggen dat iets gezond is als we daar niet zeker van zijn. Of dat iets plezant is, als dat niet zo is. We vertellen geen onzin. Beloofd. Hoe wij tegenover samenwerkingen staan, lees je hier.