Het leven zit vol mijlpalen, de ene al groter dan de andere. Voor kersverse moederkes hebben we onze #MAgoebezig-kaarten, herkenbaar met kinderen tot een jaar of twee. Een welgemeende schouderklop kunnen ook ouders van al wat oudere kinderen gebruiken, zo ook slashparent Anneke. Sinds haar oudste dochter Fay (6) de grote oversteek van de kleuter- naar de lagere school gemaakt heeft, wordt haar geduld dagelijks danig op de proef gesteld. Het strijdtoneel: ‘Waarom in godsnaam toch zoveel huiswerk?!’

Vorig jaar had ik nog twee kleuters in huis. De ene al wat leergieriger dan de andere. Vooral het oudste exemplaar is gebeten door de leermicrobe. Dat heeft ze toch voornamelijk van de papa geërfd. Dat kleine brein van haar smeekt erom gevoed te worden met weetjes. Bij de eerste lockdown in maart vorig jaar kon mijn printer niet volgen met werkblaadjes spuwen! 

Groot waren dan ook haar - en onze - verwachtingen van het eerste leerjaar. Gedaan met lanterfanten in de kleuterklas, klaar voor het echte werk! Nog groter was de ontnuchtering na zowaar één schooldag in het eerste leerjaar. Want na een hele dag leerstof aan honderd km/u in die hersenen van haar pompen bleek dat ze bij thuiskomst nog eens achter haar bureau moest kruipen om huiswerk te maken. Dat bureau had ze trouwens vol fierheid tijdens de zomervakantie in ontvangst genomen voor haar zesde verjaardag, dus daar kon het alvast niet aan liggen. 

Overdaad schaadt 

We werden overladen met woordjes om te lezen, rekensommen om te maken en splitskaartjes om te knippen. Voor dat laatste kreeg ik onze dochter nog ietwat gemotiveerd, maar die andere opdrachten waren een regelrechte ramp. We kregen al snel het ene verwijt na het andere naar ons hoofd geslingerd, maar vooral de conclusie was duidelijk. Na al dat stilzitten wilde m’n zesjarige gewoon gerust gelaten worden en spélen! En niet nog eens overladen worden met ‘moetjes’. 

De ene dag ging het al beter dan de andere, maar ik zag de bui al hangen wanneer ze me tegemoet kwam na schooltijd. Een donderwolk boven haar hoofd. Haar blik bliksemde me net nog niet neer. ‘Weer véél huiswerk’, baalde ze dan. Toegegeven, ik kon ook werken aan mijn kalmte. Maar blijf dat maar eens als je naast zo’n opgefokt minimensje zit. Ik kon er dan ook niet bij waarom het in godsnaam nodig was om m’n kind na een hele dag van tellen en taal nog eens bij wijze van dessert te trakteren op 50 extra rekensommen (en wat nog meer!). Geef haar er tien en ze maakt ze zonder morren, maar zo’n A4-tje met vijftig sommen die haar afwachtend op een juist antwoord aanstaren, het kind kreeg er stress van. En wij ook. 

Strijden in ‘t kwadraat 

Maar toch deden we het. Soms zonder, maar meestal mét strijd. Het waren vooral die rekensommen die niet leken door te dringen. Ik kan het haar niet kwalijk nemen, want van rekenen heb ik jammer genoeg ook geen kaas gegeten. Gelukkig lukt alles onder de tien me net nog wel. Hoe hard we ook oefenden met splitskaartjes (‘ik splits 5 in 3 en …’), Bingel (een online leerplatform) en andere misschien minder koosjere methodes (koekjes en snoepjes for the win!) invoerden, het leek niet door te dringen. Met grote frustratie als gevolg. 

Eén oudercontact later werden we gerustgesteld. ‘Ze doet het goed. Gewoon blijven oefenen.’ En dat deden we dan maar … Hoewel ik er geen goed oog in bleef hebben, leek het dan toch eindelijk met mondjesmaat te beteren en werd ze beloond voor haar noeste arbeid. Maar toen moest ze opeens beginnen aftrekken waardoor de paniek opnieuw rond zich heen sloeg. Uiteraard bleef het niet bij die (aftrek)sommen; er moest ook nog gelezen, af en toe een extra taak ingevuld en dan nog eens een dictee verbeterd worden. 

Licht aan de horizon 

Ondertussen zijn we meer dan een trimester verder en lijkt het beter te gaan. Splitsen tot tien kan ze nu als de beste en dat optellen en aftrekken lukt het meest van de tijd wonderwel. De juf had dan toch gelijk met al dat herhalen? Of heeft dat huiswerk toch niet veel effect gehad en moest het gewoon gestaag doordringen in dat hoofdje van haar? 

Het lijkt nu dat als het ene wat beter loopt, het andere wat begint te horten. Zo stond onlangs het woordje ‘schuur’ op het dicteeprogramma. Dagenlang sloeg ze bij thuiskomst gefrustreerd haar dicteeschrift open om te constateren dat ze wéér te veel beentjes bij die dubbele ‘u’ geschreven had. Ik raapte ‘s weekends al mijn kalmte bij elkaar en probeerde haar met handen en voeten uit te leggen hoe dat woordje in elkaar zat. Opeens maakte ze de klik, want die ‘uu’ bleek zowaar te bestaan uit twee ‘u’s’! Als ze daar een ‘sch’ voor en een ‘r’ achter plaatste, kreeg ze haar gevreesde woord. Met een klein hartje sloeg ze de maandag erop haar dicteeschrift open om te merken dat ze het deze keer wel écht snapte. En mama kon opnieuw ademhalen. Want wat blijkt? Herhalen lijkt toch te lonen …

Minder is soms beter 

Aan leerkrachten aller landen (met alle respect, want jullie doen écht wel heel hard jullie best, dat weet ik wel), wil ik toch het volgende vragen. Lukt het niet om iets minder huiswerk mee te geven dat eerste trimester? Is het écht nodig om na schooltijd nog zoveel thuis af te werken? Is een huiswerkloze avond een idee? Of kunnen we onder het motto van 'afwisseling van spijs doet eten' een keer rekenen, een keer schrijven en een keer lezen? Dat zou hier alvast voor wat meer rust gezorgd hebben tijdens die grote overstap. En ik heb zo'n donkerbruin vermoeden dat wij daar niet de enige in zijn ...