Voor een aantal mensen is het duidelijk: de samenleving is niet meer hun meug.  Ze wachten liever niet op verandering en hebben zelf een radicale ommezwaai gemaakt. Een aanrader, al was het maar om de vastgeroeste mindset van “tja, zo is het leven …” te veranderen en om anderen te inspireren. De Omdenkers in deze reeks zetten jou wellicht ook aan het denken. Op een goede manier!

Tegenwoordig racen we. In het verkeer, met een razende hartslag. Racen naar school en werk, een hobby. Ja, we weten dat het anders moet. Maar hoe begin je er zelf aan? Terugplooien op eenvoud, focus op de natuur, rust, minimale verplaatsingen. Zou dat iets zijn? En waar vind je dat verdikke, alle wellness-weekends buiten beschouwing gelaten? Wel, in het leven in een yurt bijvoorbeeld. 

2 volwassenen, 4 kinderen, 48 m2

Bio-lovers Sieglinde, Hendrik en hun 4 kinderen Floor (13), Mali (11), Samme (9) en Wodan (2), namen een klein jaar geleden hun intrek in een Mongoolse yurt. Een wat? Een grote, ronde tent, met houtkachelsysteem, opgetrokken uit hout, dikke doeken en vilt. Op de meer glamoureuze en hippe camping vind je die tegenwoordig ook vaak. Het nieuw-samengestelde gezin trotseert hier vrijwillig alle weersomstandigheden én het reële risico van op elkaars heupen werken. Want ‘grote’ tent is heel relatief wanneer je er met z’n zessen moet in overeenkomen. En stond je vrij recent al dan niet binnensmonds te vloeken ‘s ochtends, verrast door de eerste vorst en het laagje ijs op de voorruit, probeer dan even deze oefening: wakker worden en het is ... 6 graden. Binnen. 

ObK01sq935X7Bt03WfDvwYRVaonWXYbXN75ZqbTv.jpeg

xVSlKkdiL3fe0SXMkfr25figVd5xiZxxVZ30NyAK.jpeg

Waarom kiest een jong gezin hier voor?

Sieglinde: “We wilden niet meer meedraaien in die rush van buitenshuis werken, lopen en vliegen. We willen vooral wonen waar we werken. Een leven dat aansluit op ons werk op het land, en omgekeerd. Hendrik en ik leerden elkaar kennen dankzij een gemeenschappelijke passie en interesse in de biolandbouw. We dromen er ook van zelfvoorzienend te zijn, in de mate van het mogelijke.”

Ook kleiner gaan wonen met meer buitenruimte had prioriteit bij het stel. Met deze af te vinken vakjes in het hoofd, begon een zoektocht langs huurwoningen, alternatieve woonmogelijkheden zoals ‘tiny houses’, wooncontainers en meer. Waar het één te weinig buitenruimte bood, was het ander te onpersoonlijk of kil. 

En plots, zoals dat gaat, vond het koppel in de glooiende streek net over de taalgrens, iets waarvan ze dachten: hiermee komen we aardig in de buurt van onze droom. Land, stallen, nog meer land. Een onbewoonbaar krot van een huis. “Hendrik werkt momenteel nog bij een eco-bouwbedrijf”, vertelt Sieglinde. “Toen we besloten om dit goed te kopen, beslisten we ook dat we zelf wilden verbouwen, en deels dankzij zijn job, kunnen we ons beroepen op kennis en tips. Het huis moet eco zijn, zelfvoorzienend waar mogelijk; een beetje zoals de ‘hobbit’ huisjes.”

Terwijl er nog druk gebrainstormd en ontworpen werd, moest er natuurlijk ook ergens gewoond worden. Enter de yurt! Die prijkt nu op het aangekochte terrein, terwijl de plannen langzaam vorm krijgen.

 HET FEEST VAN DE VRUCHTBAARHEID

Sieglinde en Hendrik deinen mee op de golven van het natuurlijke leven op kleine schaal. Hendrik klust en verbouwt in en rond de yurt, en trekt tijdens de week per bus of fiets naar zijn werk bij het eco-bouwbedrijf. Sieglinde boert thuis op hun stuk grond, verkoopt biogroenten van thuis uit en houdt de yurt en zijn inwoners recht. Daar komt meer bij kijken dan in een gemoderniseerde, geautomatiseerde woning, dat spreekt. De was kan gedaan worden in een wasmachine die het oude huis herbergt, en stiekem dromen ze toch van een vaatwasser. Zes monden, dat maakt wat vaat vuil!

Sieglinde zou er geen job buitenshuis kunnen bijnemen, vertelt ze. “We zijn hier erg onderhevig aan het leven zoals het vroeger was, zeg maar. De huidige werkritmes zijn dus haast niet vol te houden, want ze verschillen enorm van het natuurlijke bioritme dat wij volgen. Vroeg slapen, vroeg opstaan bijvoorbeeld. Of ja, dat is wat we probéren. We zitten bijvoorbeeld vaak te laat in bed, mede omdat we ‘s avonds nog veel om handen hebben. (nvdr. herkenbaar!) We hebben bewust gekozen om werken en wonen te combineren, om klein te beginnen en hopen dat we dit met zo weinig mogelijk stress kunnen doen. Voor mij is het boeren een manier van leven, een passie. Er komt ook meer bij kijken dan je zou denken; administratie, planning, wat grafisch werk, foto’s nemen, ...”

LePnrk79n85pAfB3lnCN03mB4kmBcUoJGFAe2gej.jpeg

ChbKCbn9QlMxxUkWqfe0XY9fgeqyZ1gOsPBjf2cE.jpeg

SaP8Pjvbqu8Jf0DliPFmaviiWN5lNwenu2hlxoX5.jpeg

Klein begonnen, maar ze dromen van ietsje meer. “We willen graag een klein, gemengd bedrijf uitbouwen, met een zo lokaal mogelijke afzet. Met fruit, groenten, ons eigen zuurdesembrood uit een leemoven, met plaats voor vrijwilligers en stagiaires om hier ter plekke te logeren, een boerderijcamping, een ruimte om de oogst in te maken en zelf kaas te maken, ...”, vertelt Sieglinde begeesterd. “Een naam hebben we al. Beltaine, naar het Keltische 1 mei-feest van de zon, warmte en de vruchtbaarheid.”

Zweethut

Even terug naar die 4 kinderen en die 6 graden. Hoe houd je het leefbaar en aangenaam voor iedereen, in extreme weersomstandigheden en op een piepkleine oppervlakte? Zonder bloedvergieten en inzinkingen? 

Sieglinde erkent dat de kinderen aanvankelijk weerstand boden. “Maar de beslissing voelde juist aan; we gingen namelijk voor onze droom! Ze missen nu nog vaak persoonlijke ruimte, maar anderzijds voelen ze zich erg veilig en geborgen.” Een jaar na intrek blijken de jongelui het best wel OK te vinden. Links en rechts richten Sieglinde en Hendrik nog in, maken hoekjes en holletjes om even in terug te trekken. “Afspraken zijn belangrijk en we houden regelmatig een familievergadering. We zorgen er al dan niet bewust voor dat iedereen plek en ruimte heeft, dat iedereen gehoord wordt en dat de yurt niet constant door zes man ingepalmd is.” 

SfQovXAI3XZXYjkSZEEVNmE9jl0EsC7GkkzrXNZu.jpeg

dQfHALpCknYLTxgcdhbV5LvMIYqIMo5orSUHnAZq.jpeg

En natuurlijk spendeert het gezin veel tijd buiten. “Binnenkort leggen we een terras aan, dat zal de samenhang van ons binnen-buitenbestaan nog fijner maken!”

Lekker knus in het warme nest dus. Hoewel dat de temperatuur van dat nest wel erg grillig is. “Tijdens de hittegolf was het hier soms 38 graden binnen, dat was onhoudbaar! En nu maken we onze eerste winter mee. We gaan goed ingepakt slapen, met wolletjes allerlei. Het warmt hier ook snel op. Eens de kachel aan, zitten we snel aan een aangename ‘kamer’temperatuur.”

5AG1e5aCu8ufAWA240tGiEMd91rDN5CxRq4vVECq.jpeg

J2PgHcNT14elZtOfikvdTW9jkkS91M0ASfJERN2n.jpeg

Zet ‘m recht!

... en andere nuttige tips van Sieglinde en Hendrik, voor zij die nu mega-enthousiast aan het yurt-shoppen slaan. Dat kan je trouwens ook tweedehands doen, maar dan dien je rekening te houden met eventuele herstellingen of vervangingen. Ook Sieglinde kocht een used exemplaar: “Het hout moest behandeld worden met lijnolie, de ruitjes in de koepel waren gebarsten. Belangrijk ook, is dat je de tweedehands yurt zelf moet opzetten. Bij aankoop van een nieuwe bieden ze soms de assistentie van een ervaren yurtbouwer aan.”

dv7liVpbzixUcn5Y7zTlFtmmUuw0hzEeD8zoNnmt.jpeg

“Wij ondervinden dat vocht de grootste uitdaging is,” tipt Sieglinde nog. “Je hebt verschillende lagen textiel die het isolerende vilt droog moeten houden, heel belangrijk! Regelmatig stoken en verluchten helpen hierin. En isoleer je vloer ook goed, want het kan heel koud worden aan de voeten!” Liever geen wintertenen, stijve nek van scheef slapen en een hardnekkig vochtprobleem, check eeen dubbel check.

En om nog meer drama te vermijden: loop eens langs bij je gemeente om naar hun do’s & don’ts rond ‘op je erf wonen in iets dat geen bakstenen huis is’ te polsen.

Dan is het genieten geblazen. Van knus bij elkaar, van luisteren naar het knisperende hout in de kachel, het getik van breinaalden op een stille winteravond. Van wapperend was in de zomerse bries, het wegebbende gegil van spelende kinderen, van adem in, adem uit op het ritme van de natuur.